Het was acht uur in de avond toen het vliegtuig, met mij aan boord, over de in zee gebouwde landingsbaan naar het vliegveldgebouw rolde. Een warme, vochtige lucht kwam me tegemoet toen ik het vliegtuig uitstapte.
Nadat ik mijn koffer had, zocht ik de persoon die me de bus aanwees die me naar het hotel zou brengen.
Na een knap half uurtje vertrok de bus en reed over een donkere weg.
Ik vroeg me af of dit wel echt de weg naar het "paradijs" was, zoals de naam van het hotel was.

Toen ik mijn koffer had uitgepakt ging ik naar de zwembadbar omdat het me te macaber leek om de donkere weg weer af te gaan, op zoek naar "leven".

Aan de bar praatte ik met Engelsen, Duitsers en Hollanders tegelijk.

Ik liet me over de omgeving informeren, die toch niet zo triest bleek te zijn, zoals ik het eerste moment dacht.

De eerste nacht kon ik nauwelijks slapen omdat uit alle hoeken honden blaften en jankten.

GouviŠ - kiezelstrand

De volgende dag ging ik toch monter op ontdekkingstoer.

Ik vond straten met veel winkels, restaurants en de zee die er achter ligt. Het beviel me hier maar het nodigde me niet uit om in de zee te gaan zwemmen omdat het strand uit kiezelstenen bestaat.

Rechts ligt een grote jachthaven waar ik een paar keer heen gewandeld ben.

Tegenover de pier staat een klein kerkje en een stukje van de zee af een visvijvertje waar goudvissen, eenden en een schildpad leven.
Weer wat verder staan de resten van een oude Venetiaanse scheepwerf

De eerste dagen bracht ik door met lange wandelingen en luilakken aan het zwembad van het hotel of ging er in zwemmen.

Dan maakte ik een tochtje naar het noorden van het eiland.

resten van een Venetiaanse scheepswerf

De eerste stop was bij de bocht van Paleokastritsa.
Daar maakten we een boottocht in die bochten en grotten waar het water gedeeltelijk lichtblauw was.

Daarna reed de bus omhoog naar het klooster Moni Theotokos.
Een klein donker klooster met iconen aan de muur.
Aan het plafond hangen zilveren lampen die natuurlijk op olijfolie branden. Er leven nog maar acht monniken.

Verder ging de tour over een smalle bergweg met veel bochten, naar Prinitas waar we van een heerlijke koffiepauze en een prachtig uitzicht over de baaien konden genieten.

De reis ging dan langs eindeloze olijfbomenplantages.
Op de eerste plaats leven de mensen hier van de toeristen en op de tweede plaats van de olijven.

Het blauwe water van Paleokastritsa

Zelfs de kleinste dorpjes, met maar zestig inwoners, hebben een eigen olijfperserij.
Het ging verder over smalle wegen door de heuvels.
Hoewel het mogelijk was de wegen te verbreden, deed men dit niet uit liefde voor de bomen. Dat is goed te begrijpen; geen enkele boer wil zijn bomen offeren die nu vol half rijpe vruchten hangen.

We bereiken Spiridonas, het noordelijkste punt van het eiland, waar we gingen eten; Ik bestelde Bourdetto. Een oud Corfu-gerecht. Het bestaat uit vis in een rode peperjus met tomaten en uien. Daarbij werden aardappelen geserveerd. Het smaakte me uitstekend.

Na het eten liep ik de kleine baai langs, waar ik op AlbaniŽ uit kon zien.

Verder ging het naar het punt waar AlbaniŽ maar 1,2 km van Corfu af ligt.

AlbaniŽ, maar op 1,2 km

Twee dagen later reed ik met de bus naar de hoofdstad van Corfu, die ook Kerkyra wordt genoemd, zoals eigenlijk ook het hele eiland heet.

Al vlug vond ik nauwe straatjes die vol met souvenirshops zijn.

Hier lopen heel veel toeristen. Je kan er bijna claustrofobie van krijgen.

Ik ontdekte het Fliraki complex beneden mij en vond het erg leuk hier.

Even later dwaalde ik naar de nieuwe vesting.
Toen ik er een stuk overheen gegaan was, stond ik in het nieuwe stadsdeel.
Hier waren niet minder winkels, maar wel echte winkels.

Druk centrum van Kerkyra, de hoofdstad

Het verkeer raast hier aan je voorbij.
Dat razen is hier de grootste hobby.
De zebrapaden staan hier voor de sier en bij de stoplichten schijnen de Grieken kleurenblind te zijn.

Later zocht ik naar de oude vesting, die ik achter een groot park voor de zee vond.

Het deed me aan mijn lievelingsplaatsje in Dubrovnik denken.
Inderdaad ging ik hier nog een paar keer heen om van het heerlijke uitzicht te genieten.

Achter mij het Faliraki complex.

De daaropvolgende dagen bracht ik door met het maken van lange wandelingen en steeds weer opnieuw vond ik mooie plaatsjes.
Af en toe lag ik ook aan het zwembad van het hotel en ging ook zwemmen.

Het kiezelstrand hinderde me nog steeds, om daar in zee te gaan zwemmen.

De nieuwe vesting

 
Dan maakte ik weer een uitstapje.
Deze keer ging het naar het zuiden van het eiland. als eerste stond het Archilion op het programma, waar de Oostenrijkse Keizerin Sissi, vroeger vaak haar vakanties doorbracht.

En weer ging het over smalle bergwegen en door kleine dorpjes.
Hier groeien minder olijven, wel veel andere planten.

In het dorp Sinarades bezochten we een museum.
Het is een huis dat ingericht is, zoals dat 100 jaar geleden hier was.
 

 

Archilion

Op het hele eiland had ik geen vee gezien. Dus moet alle vlees en melk allemaal ingevoerd worden.


In het plaatsje Marathias werd gegeten.
Het restaurant ligt dicht bij een van de zeldzame zandstranden, waar niet eens een hotel staat.

Uitzicht vanuit het museum

 
Na het eten ging het Chlomos. Daar moesten we er een flinke klimpartij voor over hebben om een prachtig uitzicht te kunnen bewonderen.
Maar omdat het erg warm was en een mist vanuit de zee opstak, was het zicht tamelijk wazig.

Verder ging het in de richting van de zee, waar we nog enige stops maakten om te fotograferen of zich even te bewegen voor we weer in de stad aankwamen.

De verdere dagen bracht ik door in Gouvia en omgeving, maar ook in de stad. Ook liep ik vaker naar de jachthaven, die me steeds weer imponeerde.

Uitzicht van Chlomos


Toch was de tijd om de koffers te pakken gekomen. dat is altijd een treurig moment. In die twee weken heb je aardige mensen leren kennen die je nooit meer zal zien.

Het begin van de vlucht verliep rustig, maar dan begon de turbulentie. Hoe dichter we bij Zwitserland kwamen, des te erger het werd. We moesten in de late avond in de ergste storm landen. Het was echt niet mogelijk om nog een letter in mijn kruiswoordraadsel te zetten.

 

De jachthaven van Gouvia

 
Maar zoals gewoonlijk landde het vliegtuig schadevrij in Zurich. Het was een weldaad na al die turbulentie om mijn zoon op het vliegveld te vinden, die met een glas champagne in de hand op me stond te wachten om me thuis te brengen.